Gebruik vingers voor zoom en navigatie. Scroll buiten de afbeelding.
2 Borden, aardewerk, glazuur, decor in onderglazuur blauw, roodbruin en goudkleurig email
Pijnacker, A. (inventor/bedenker/ontwerper)
Pijnacker, A.
Objectinformatie
Bord, aardewerk, glazuur, decor in onderglazuur blauw, roodbruin en goudkleurig email
NK3234-A
toegepaste kunst
bord
Vervaardiging
DELFT
Pijnacker, A. (inventor/bedenker/ontwerper)
1700 - 1700
1700
1700
Fysieke kenmerken
glazuur, aardewerk
26 cm
2.2 cm
Inscripties
sticker
A. Staal Antiquaire Rokin 156 Amsterdam 4437 ZNRV VOOV
Achterzijde
sticker
273III
Achterzijde
opschrift
3057
Achterzijde
opschrift
NK3234
Achterzijde
sticker
Por. 442A
Achterzijde
2 Borden, aardewerk, glazuur, decor in onderglazuur blauw, roodbruin en goudkleurig email
NK3234-A-B
toegepaste kunst
bord
Vervaardiging
DELFT
Pijnacker, A.
1700 - 1700
1700
1700
Fysieke kenmerken
glazuur, aardewerk
26 cm
Bord, aardewerk, glazuur, decor in onderglazuur blauw, roodbruin en goudkleurig email
NK3234-B
toegepaste kunst
bord
Vervaardiging
DELFT
Pijnacker, A. (inventor/bedenker/ontwerper)
1700 - 1700
1700
1700
Fysieke kenmerken
glazuur, aardewerk
26 cm
2.2 cm
Inscripties
sticker
A. Staal Antiquaire Rokin 156 Amsterdam 4438 ZNRV VOOV
Achterzijde
opschrift
NK3234-2
Achterzijde
opschrift
3058
Achterzijde
sticker
35/5 [35 in rood]
Achterzijde
sticker
Por. 442B
Achterzijde
sticker
273 II
Achterzijde
Reconstructie van de herkomstgeschiedenis
Toon voor object:
: Staal, A.
: kunsthandel
: Amsterdam
: ICN inventariskaart
|
: Mannheimer, F.
: collectie
: Amsterdam
: ICN inventariskaart; Archief SNK nr.288, 393, 550, 551, 677; Bundesarchiv Koblenz B323 nr.575; R. Begeer, Verzeichnis der Restbestände der Sammlung Mannheimer, 1941, nr.273; Archief Rijksmuseum en rechtsvoorgangers te Amsterdam (476), invnr. 2142.
: Dit object is aangetroffen op de inventarisatielijst van Artistic & Co. Het object is dus in of voor juni 1934 verworven door F. Mannheimer uit Amsterdam.
|
: Mannheimer, F.
: collectie
: Amsterdam
: ICN inventariskaart; Archief SNK nr.288, 393, 551; Bundesarchiv Koblenz B323 nr.575; R. Begeer, Verzeichnis der Restbestände der Sammlung Mannheimer, 1941, nr.273; Archief Rijksmuseum en rechtsvoorgangers te Amsterdam (476), invnr. 2142.
|
: Mendelssohn & Co.
: Amsterdam
: Archief SNK nr.288, 393, 551
: Na het overlijden van F. Mannheimer op 9 augustus 1939 kreeg de bank Mendelssohn & Co. het object in beheer. In oktober 1941 verkocht de bank het object aan Dienststelle Mühlmann. Na het overlijden van F. Mannheimer op 9 augustus 1939 werd zijn boedel failliet verklaard. De collectie ging over naar de bank Mendelssohn & Co die een grote vordering had op de boedel. De bank verkocht het in Nederland aanwezige deel van de collectie in oktober 1941 aan Dienststelle Mühlmann.
- *
: Mühlmann, Dienststelle
: Den Haag
: Archief SNK nr.288, 393, 551
: De Dienststelle Mühlmann verwierf in oktober 1941 de collectie Mannheimer voor het beoogde Führermuseum in Linz.
- *
: Führermuseum
: museum [en]
: Linz
: Archief SNK nr.288
: Hitler had plannen voor een museum in Linz. Dat is er nooit gekomen. De stukken die voor dit museum door de nazi’s zijn verzameld zijn aan het einde van de oorlog op diverse plaatsen aangetroffen, waaronder München en Altaussee.
In beheer gekomen bij het Rijk
Na 1945-05-05
Huidige restitutiestatus
Geen verzoek
Onderzoeksbevindingen
Uit het herkomstonderzoek naar de periode 1933-1945 komen geen indicaties naar voren die wijzen op mogelijk onvrijwillig bezitsverlies.
In juni 1934 is de collectie Mannheimer zoals die op dat moment in Amsterdam aanwezig was geïnventariseerd door de firma Artistic. Dit object komt voor in deze inventarisatie. Het object bevond zich dus vóór 25 juni 1934 in de collectie van F. Mannheimer uit Amsterdam. Uit aanvullend onderzoek zijn geen nieuwe aanknopingspunten naar voren gekomen waar, wanneer, van wie of onder welke omstandigheden F. Mannheimer dit object heeft verworven. Bij het overlijden van F. Mannheimer in 1939 werd zijn boedel failliet verklaard. De collectie ging over naar de bank Mendelssohn & Co die een grote vordering had op de boedel. De bank verkocht het in Nederland aanwezige deel van de collectie in 1941 aan Dienststelle Mühlmann. Er zijn geen aanwijzingen dat dit onvrijwillig was.
Uit het herkomstonderzoek naar de periode 1933-1945 komen geen indicaties naar voren die wijzen op mogelijk onvrijwillig bezitsverlies.
In juni 1934 is de collectie Mannheimer zoals die op dat moment in Amsterdam aanwezig was geïnventariseerd door de firma Artistic. Dit object komt voor in deze inventarisatie. Het object bevond zich dus vóór 25 juni 1934 in de collectie van F. Mannheimer uit Amsterdam. Uit aanvullend onderzoek zijn geen nieuwe aanknopingspunten naar voren gekomen waar, wanneer, van wie of onder welke omstandigheden F. Mannheimer dit object heeft verworven. Bij het overlijden van F. Mannheimer in 1939 werd zijn boedel failliet verklaard. De collectie ging over naar de bank Mendelssohn & Co die een grote vordering had op de boedel. De bank verkocht het in Nederland aanwezige deel van de collectie in 1941 aan Dienststelle Mühlmann. Er zijn geen aanwijzingen dat dit onvrijwillig was.
Uit het herkomstonderzoek naar de periode 1933-1945 komen geen indicaties naar voren die wijzen op mogelijk onvrijwillig bezitsverlies.
In juni 1934 is de collectie Mannheimer zoals die op dat moment in Amsterdam aanwezig was geïnventariseerd door de firma Artistic. Dit object komt voor in deze inventarisatie. Het object bevond zich dus vóór 25 juni 1934 in de collectie van F. Mannheimer uit Amsterdam. Uit aanvullend onderzoek zijn geen nieuwe aanknopingspunten naar voren gekomen waar, wanneer, van wie of onder welke omstandigheden F. Mannheimer dit object heeft verworven. Bij het overlijden van F. Mannheimer in 1939 werd zijn boedel failliet verklaard. De collectie ging over naar de bank Mendelssohn & Co die een grote vordering had op de boedel. De bank verkocht het in Nederland aanwezige deel van de collectie in 1941 aan Dienststelle Mühlmann. Er zijn geen aanwijzingen dat dit onvrijwillig was.