: Na de Russische Revolutie in 1917 werd privébezit genationaliseerd. De Sovjetstaat verkocht culturele en historische voorwerpen uit het Kremlin in Europa, vaak via de Hermitage, om geld in te zamelen voor industrialisatie.
: Na het overlijden van F. Mannheimer op 9 augustus 1939 werd zijn boedel failliet verklaard. De collectie ging over naar de bank Mendelssohn & Co die een grote vordering had op de boedel. De bank verkocht het in Frankrijk aanwezige deel van de collectie in 1944 aan de Dienststelle Mühlmann.
- *
: Mühlmann, Dienststelle
: Den Haag
: De Dienststelle Mühlmann verwierf in 1944 het Franse deel van de collectie Mannheimer.
: Beoogde Führermuseum
: museum [en]
: Linz
In beheer gekomen bij het Rijk
Na 1945-05-05
Huidige restitutiestatus
Geen verzoek
Onderzoeksbevindingen
Er zijn geen of onvoldoende herkomstgegevens uit de periode 1933-1945 over dit object bekend. Na onderzoek zijn tot op heden geen bronnen gevonden die informatie over de herkomst kunnen geven. Daarom is er geen uitspraak te doen over mogelijk verdachte herkomst of mogelijk onvrijwillig bezitsverlies.
De herkomstgegevens zijn niet sluitend. Dit schilderij komt niet voor in de Von Falke-catalogus of op de inventarislijst van Mannheimer uit 1939. Aanvullend onderzoek heeft geen nieuwe aanknopingspunten opgeleverd over waar, wanneer, van wie of onder welke omstandigheden F. Mannheimer dit object heeft verworven. Bij het overlijden van F. Mannheimer in 1939 werd zijn boedel failliet verklaard. De collectie kwam in handen van de bank Mendelssohn & Co, die een grote vordering had op de boedel. In 1944 verkocht de bank het in Frankrijk aanwezige deel van de collectie aan de Dienststelle Mühlmann. Er zijn geen aanwijzingen dat deze verkoop onvrijwillig was.