: RKD fotodocumentatie; Tent.cat. Catalogue de la galerie des tableaux, Hermitage, St. Petersburg, 1901 p.471, nr.995
: Na de Russische Revolutie in 1917 werd privébezit genationaliseerd. De Sovjetstaat verkocht culturele en historische voorwerpen uit het Kremlin in Europa, vaak via de Hermitage, om geld in te zamelen voor industrialisatie. In de RKD fotodocumentatie wordt vermeld dat dit schilderij ca. 1930 door de Hermitage werd verkocht.
: Na het overlijden van F. Mannheimer op 9 augustus 1939 werd zijn boedel failliet verklaard. De collectie ging over naar de bank Mendelssohn & Co die een grote vordering had op de boedel. De bank verkocht het in Nederland aanwezige deel van de collectie in oktober 1941 aan Dienststelle Mühlmann.
- *
: Mühlmann, Dienststelle
: Den Haag
: De Dienststelle Mühlmann verwierf in oktober 1941 de collectie Mannheimer voor het beoogde Führermuseum in Linz.
- *
: Führermuseum
: museum [en]
: Linz
: Archief SNK nr.28
: Hitler had plannen voor een museum in Linz. Dat is er nooit gekomen. De stukken die voor dit museum door de nazi’s zijn verzameld zijn aan het einde van de oorlog op diverse plaatsen aangetroffen, waaronder München en Altaussee.
In beheer gekomen bij het Rijk
Na 1945-05-05
Huidige restitutiestatus
Geen verzoek
Onderzoeksbevindingen
Er zijn geen of onvoldoende herkomstgegevens uit de periode 1933-1945 over dit object bekend. Na onderzoek zijn tot op heden geen bronnen gevonden die informatie over de herkomst kunnen geven. Daarom is er geen uitspraak te doen over mogelijk verdachte herkomst of mogelijk onvrijwillig bezitsverlies.
De herkomstgegevens zijn niet sluitend. Uit aanvullend onderzoek zijn geen nieuwe aanknopingspunten gevonden waar, wanneer, van wie of onder welke omstandigheden F. Mannheimer dit object heeft verworven. Bij het overlijden van F. Mannheimer in 1939 werd zijn boedel failliet verklaard. De collectie ging over naar de bank Mendelssohn & Co die een grote vordering had op de boedel. De bank verkocht het in Nederland aanwezige deel van de collectie in 1941 aan Dienststelle Mühlmann. Er zijn geen aanwijzingen dat dit onvrijwillig was.