: Op de rekening van Smits aan Goudstikker/Miedl staat als voorletter bij Smits een 'J' vermeld, in het voorraadboek van Miedl wordt als verkoper A. Smits genoemd.
Er zijn geen of onvoldoende herkomstgegevens uit de periode 1933-1945 over dit object bekend. Na onderzoek zijn tot op heden geen bronnen gevonden die informatie over de herkomst kunnen geven. Daarom is er geen uitspraak te doen over mogelijk verdachte herkomst of mogelijk onvrijwillig bezitsverlies.
De herkomst van dit schilderij is niet sluitend. Het werk werd in 1934 verkocht bij Christie’s in Londen. De koper wordt kortweg aangeduid als “Minken”, vermoedelijk verwijzend naar kunsthandelaar J.F. Minken met vestigingen in Londen en Amsterdam. In 1938 brengt privéverzamelaar J.A. van Tilburg het werk in op een veiling bij Mak in Dordrecht, maar het blijft onverkocht. Het is niet bekend hoe lang het schilderij daarna in zijn bezit bleef. In 1942 verkoopt handelaar J. Smits uit Hillegersberg het werk aan A. Miedl, die het vervolgens doorverkoopt aan de Duitser G. Schickendanz in Fürth.